‘Race to the bottom’ niet in belang van energietransitie

Een recordaantal gezinnen veranderde dit jaar al van energieleverancier. Groepsaankopen spelen daar een nauwelijks te overschatten rol in. Maar door steeds in dezelfde vijver van bewuste consumenten te vissen en door enkel op de prijs te focussen, brengen ze de echte vrijmaking van de energiemarkt en de noodzakelijke transitie naar hernieuwbare energie helaas geen stap dichterbij.

In de eerste negen maanden van 2016 zijn al 553.069 Vlaamse gezinnen en bedrijven van elektriciteitsleverancier veranderd, zo blijkt uit cijfers van de Vlaamse energieregulator VREG. Dat zijn er al 40.000 meer dan in het hele jaar 2015 en is een absoluut record.

Zulke cijfers komen sinds enkele jaren met de regelmaat van de klok terug – telkens de VREG de marktaandelen voor gas en elektriciteit in kaart brengt. Hoe dat komt? Door een doorgedreven prijs-gefocust denken op de energiemarkt. De groepsaankopen die verschillende overheden en andere organisaties op poten zetten, spelen daarbij een grote rol.

Groepsaankopen zijn een goede manier om de consument de mogelijkheid te bieden om zo scherp mogelijke tarieven te krijgen van zijn of haar leverancier. Zeker in een markt die nog niet lang vrijgemaakt was, waren groepsaankopen een ideaal instrument om de concurrentie maximaal te laten spelen in het voordeel van de consument. Ook bij essent.be hebben we via de groepsaankoop enkele jaren op rij een scherp aanbod gedaan aan heel wat klanten.

De vraag is: wat is de rol van de bedrijven achter de groepsaankopen? Hun belangrijkste verdienste is dat zij de vraag van consumenten bundelen om schaalvoordelen af te dwingen, of de consument te allen tijde de beste prijs bieden. Hoe meer consumenten switchen van leverancier, hoe groter in principe het bewustzijn van de klant is over alternatieven in de markt. Vooral in een pas vrijgemaakte markt is dat relevant.

Maar hoe ziet de Belgische energiemarkt er uit na meer dan 12 jaar liberalisering? De realiteit is ontnuchterend: de oorspronkelijke dominante spelers hebben nog steeds meer dan 60% van de elektriciteitsmarkt en meer dan 55% van de aardgasmarkt in handen.

Dit plaatst ook de toegevoegde waarde van de groepsaankopen en de bedrijven achter de groepsaankopen in een ander licht: zij verdienen geld door het rondpompen van klanten die van de ene naar de andere groepsaankoop springen, of van de ene leverancier naar de andere, en daardoor iedere keer ‘de beste prijs’ krijgen.

We spreken van een hoge switchratio, maar meer dan de helft van alle klanten blijft bij de twee grootste spelers. De groepsaankopen hebben een paar keer stevig aan de boom geschud, en vissen sindsdien elke keer in min of meer dezelfde vijver. Ook de VREG geeft aan dat een grote groep consumenten zich amper bewust is van de mogelijkheid om vlot en kosteloos van energieleverancier te veranderen. Het is net die groep die vastgeroest zit bij de historische spelers.

Blijven focussen op groepsaankopen zoals vandaag zal uiteindelijk slechts één winnaar opleveren, namelijk de organisator van de groepsaankopen, die een zakenmodel heeft gemaakt op basis van een hoog switchgedrag.

Een zakenmodel waar trouwens gerust wat meer transparantie over zou mogen zijn. De groepsaankopen worden opgezet en gepromoot door gemeenten, provincies en andere organisaties, maar de eigenlijke organisatie is in handen van commerciële bedrijven die hiervoor een commissie ontvangen.

Alleen is dat voor de deelnemers van de groepsaankopen verre van duidelijk, zij krijgen de indruk dat ze volledig belangeloos aan goedkopere energie worden geholpen. Waarom gelden de transparantieregels, die de laatste jaren terecht steeds strenger zijn geworden voor de leveranciers, niet voor de organisatoren van groepsaankopen?

Dat prijs-gefocust kortetermijndenken heeft ons gebracht waar we nu staan in de energiesector: ondanks de prijzenslag op haar zuivere energiecomponent, explodeert de energiefactuur in een markt die niet écht functioneert, quasi alle energietechnologie wordt gesubsidieerd (zonne-energie, windenergie en op termijn wellicht ook energieopslag) en innovaties in de energiesector laten op zich wachten.

Als we op een succesvolle manier de transitie naar een koolstofvrije maatschappij willen maken, is er nood aan een markt waarin iedere speler (productie, transport, levering, …) zijn verantwoordelijkheid neemt en dus investeert in het ondersteunen van de energietransitie.

De beste manier om hiervoor te zorgen, is dat iedere klant, naast zijn terechte aandacht voor een scherpe, faire prijs, zich ook afvraagt hoe zijn leverancier en de andere spelers in de keten vandaag bijdragen aan die transitie. Dat is dus ook een relevante vraag voor de bedrijven achter de groepsaankopen: hoe investeren zij in de energietransitie? Welke verantwoordelijkheid nemen zij hierin?

Frank Brichau
Frank Brichau is elektrotechnisch burgerlijk ingenieur en doctor in de toegepaste ingenieurswetenschappen. Hij startte zijn carrière in 1993 bij Shell Belgium, maar in mei 2011 maakte hij de overstap naar essent.be, waar hij CEO werd. Sinds 1 januari 2017 is Frank Chief Commercial Officer (CCO) Essent voor België en Nederland en Country Chair innogy voor België.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *